
“Ik heb het opgemaakt in Affinity. Kun jij controleren of het drukklaar is?”
Die vraag kreeg ik een tijdje geleden van iemand die zelf een boek wilde uitgeven.
Ik had al veel gehoord over het gratis opmaakprogramma Affinity. Een collega raadde me zelfs aan om over te stappen, omdat Adobe zo duur is geworden. Maar overstappen is voor mij niet handig. Ik werk al 25 jaar in InDesign, dus al mijn bestanden en mijn hele archief staan daarin.
Want wat moet ik zeggen als een klant na twee jaar vraagt of ik een herdruk van zijn visitekaartje wil laten maken? “Sorry, ik moet alles opnieuw maken.”?
Maar terug naar deze mevrouw.
Natuurlijk zei ik: “Ja hoor, dat kan ik controleren.”
Het eerste wat ik na ons gesprek deed, was Affinity downloaden. So far, so good. Totdat ik het opende.
Niks zat waar ik het verwachtte. In mijn ogen was het vreselijk ingewikkeld en niet werkbaar. Ik sloot het programma weer en vloog snel terug naar InDesign, waar ik me wél thuis voel.
Een maand later stuurde ze me de documenten.
Als ik een InDesign-bestand inpak voor overdracht, maakt het programma netjes een mapje met fonts, een mapje met afbeeldingen, een InDesign-bestand, een IDML-bestand en een PDF.
Affinity niet.
Affinity maakt één bestand met de naam “afpackage”. Ik kan andere woorden bedenken die voor 'AF' kunnen staan, maar die zal ik hier maar niet hardop herhalen.
Ik worstelde me erdoorheen, maar blij werd ik er niet van. Het oude spreekwoord bleek maar weer te kloppen: je kunt een oude hond geen nieuwe trucjes leren.